blog

    15 mei 2016: geen uitstel voor Gecombineerde Opgave!

    Peter Goumans
    Peter GoumansPublicatiedatum: 13 mei 2016
    15 mei 2016: geen uitstel voor Gecombineerde Opgave!

    Artikel 24 van de Landbouwwet verplicht tot medewerking aan de landbouwtelling. Artikel 25 van deze wet regelt de tijdvakken, het tijdstip en de uitvoering van de landbouwtelling. In de Regeling landbouwtelling en gecombineerde opgave 2016 is deze verplichting verder uitgewerkt. De uiterste datum voor het doen van de Gecombineerde Opgave is 15 mei 2016. Alhoewel de Europese Commissie lidstaten de mogelijkheid biedt de termijn voor het doen van de opgave te verlengen, maakt staatssecretaris Van Dam daarvan geen gebruik (Kamerbrief van 10 mei 2016). Van Dam geeft prioriteit aan zo vroeg mogelijke uitbetaling van de aangevraagde steun. Dat betekent dat 15 mei 2016 de uiterste datum blijft.

    Doel Gecombineerde Opgave

    Met de Gecombineerde Opgave worden gegevens verzameld die de staatssecretaris gebruikt voor Europese en nationale statistieken, voor beleidsontwikkelingen en voor het maken van emissieberekeningen. Bovendien gebruikt de staatssecretaris de gegevens uit de Gecombineerde Opgave voor controle van de mestregelgeving. Daarnaast is de Gecombineerde Opgave een aanvraag voor uitbetaling van betalingsrechten.

    Te laat is te laat

    Tijdige indiening van de Gecombineerde Opgave is van belang voor het geldend maken van de aanspraak op uitbetaling van betalingsrechten en de tijdige uitbetaling daarvan. Het te laat indienen heeft ernstige gevolgen. Het Europese Hof heeft al in 2004 uitgemaakt dat een steunaanvraag slechts tijdig is ingediend indien die voor de afloop van de termijn door de bevoegde instantie is ontvangen. Het College van Beroep voor het bedrijfsleven volgt de lijn van het Europese Hof strikt. Het is de verantwoordelijkheid van de aanvrager om de Gecombineerde Opgave tijdig in te dienen. Het risico dat dit niet tijdig gebeurt ligt bij de aanvrager. Overmacht wordt niet snel aangenomen. Bovendien is er volgens het College van Beroep voor het bedrijfsleven geen ruimte voor een afweging van belangen. Door het niet tijdig indienen vervalt dus de aanspraak op uitbetaling. Dat is geen strafsanctie. De regeling is er immers enkel op gericht om de overheidsdiensten in staat te stellen de aanvragen tijdig te beoordelen, de noodzakelijke controles uit te voeren en de aanvragen af te handelen. Tegen die achtergrond is het besluit van de staatssecretaris om de termijn voor het doen van de opgave niet te verlengen alleszins begrijpelijk. Dus: te laat is te laat. Aan de slag dus.