blog

    Toepassing artikel 4:20e Awb

    Tycho Lam
    Tycho LamPublicatiedatum: 18 januari 2016

    Met deze nieuwsbrief maken wij je attent op een uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (hierna: “de Afdeling“) van 30 december 2015 (ECLI:NL:RVS:2015:4033). Deze uitspraak illustreert de toepassing van art. 4:20e van de Awb.

    Essentie

    Uit art. 4:20e van de Awb volgt dat standaardvoorschriften die het bestuursorgaan volgens een wettelijk voorschrift of een beleidsregel dient te verbinden aan een ‘reële’ beschikking ook deel uitmaken van een beschikking van rechtswege. Een actief handelen van het bestuursorgaan is daarvoor niet nodig. In dit geval oordeelt de Afdeling dat de brandveiligheidsvoorschriften uit de Handreiking en Handleiding, waarnaar in de beleidsregels is verwezen, standaardvoorschriften zijn die aan de van rechtswege verleende gebruiksvergunning zijn verbonden.

    Nader bekeken

    Fort Oranje exploiteert een kampeerterrein waarop regelmatig meer dan 50 personen tegelijkertijd verblijven. Om deze reden heeft Fort Oranje een gebruiksvergunning aangevraagd als bedoeld in art. 2, eerste lid, van de Brandveiligheidsverordening 2010. Ter nadere invulling van dat artikel heeft het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Zundert (hierna: “het college“) de beleidsregel “Voorschriften voor vergunningen ingevolge artikel 2 van de Brandveiligheidsverordening” (hierna: “de beleidsregel“) vastgesteld. Op grond van art. 11 van de beleidsregel wordt bij het opstellen van voorschriften voor kampeerterreinen gebruik gemaakt van de “Handreiking Brandveiligheid Kampeerterreinen” (hierna: “de Handreiking“) en de “Handleiding Bluswatervoorziening en bereikbaarheid van de NVBR van september 2003” (hierna: “De Handleiding“).

    Omdat het college niet tijdig op de aanvraag heeft beslist, is de gevraagde gebruiksvergunning van rechtswege verleend. In bezwaar en beroep komt Fort Oranje op tegen de voorwaarden, gebaseerd op de Handreiking en de Handleiding, die volgens het college van rechtswege aan de gebruiksvergunning zijn verbonden. Het college betoogt dat de brandveiligheidsvoorschriften uit de Handreiking en de Handleiding op grond van art. 4:20e van de Awb als standaardvoorschriften aan de van rechtswege verleende vergunning verbonden zijn. Het college voert aan dat de rechtbank ten onrechte heeft overwogen dat de Handreiking en de Handleiding slechts dienen als uitgangspunten bij het opstellen van concrete voorschriften bij individuele gebruiksvergunningen.

    De Afdeling oordeelt dat de Handreiking en de Handleiding op grond van art. 4:20e van de Awb als standaardvoorschriften aan de van rechtswege verleende vergunning zijn verbonden. Zij verwijst naar de memorie van toelichting bij art. 4:20e van de Awb. Volgens de memorie van toelichting waarborgt art. 4:20e van de Awb dat een beschikking van rechtswege is onderworpen aan dezelfde voorschriften die, krachtens een wettelijk voorschrift of een beleidsregel, gelden voor een reële beschikking. Als voorbeeld wordt verwezen naar het geval waarin een gemeente aan een terrasvergunning standaard het voorschrift verbindt dat het sluitingstijdstip 23.00 uur is. Dit sluitingstijdstip geldt dan ook wanneer de vergunning van rechtswege is verleend, zelfs wanneer in de aanvraag geen of een later sluitingstijdstip is genoemd.
    Bovendien is van belang dat art. 4:20e van de Awb ten doel heeft om onwenselijke gevolgen van een van rechtswege verleende vergunning tot aanvaardbare proporties te beperken. Het is uit het oogpunt van brandveiligheid niet wenselijk dat een kampeerterrein wordt geëxploiteerd op grond van een van rechtswege verleende vergunning, zonder dat daarvoor brandveiligheidsvoorschriften gelden.

    Verder moet art. 11, onder a, van de beleidsregels naar het oordeel van de Afdeling zo worden begrepen dat het college bij het opstellen van brandveiligheidsvoorschriften voor kampeerterreinen gebruik dient te maken van de Handreiking en de Handleiding. Deze bevatten een complete set voorschriften waarmee wordt beoogd een minimumniveau voor brandveiligheid op kampeerterreinen te waarborgen.

    De rechtbank kan onder de voorgenoemde omstandigheden niet gevolgd worden in haar conclusie dat de brandveiligheidsvoorschriften uit de Handreiking en Handleiding geen standaardvoorschriften zijn, die in dit geval op grond van art. 4:20e van de Awb aan de van rechtswege verleende vergunning zijn verbonden.

    Art. 4:20e van de Awb is dus een waarborg voor het bestuur wanneer een beschikking van rechtswege wordt verleend. Tegelijkertijd brengt dit artikel met zich dat voor de verkrijger van de van rechtswege verleende beschikking onduidelijkheid kan ontstaan over eventuele voorschriften verbonden aan de beschikking.

    Wellicht een open deur, maar art. 4:20e van de Awb is ook van toepassing op een van rechtswege verleende omgevingsvergunning die op grond van de Wabo is verleend.