blog

    Beweidingsverbod: tegemoetkoming in de schade?

    Paul HerderPublicatiedatum: 8 april 2016Laatste update: 14 augustus 2019
    Beweidingsverbod: tegemoetkoming in de schade?

    Als gevolg van regelgeving van waterschappen kan een landbouwer schade lijden. Een voorbeeld daarvan is de waardedaling van gronden (of van een erfpachtrecht) in het geval een waterschap in de keur een beweidingsverbod opneemt voor dijkpercelen. De mogelijkheden voor het gebruik van deze percelen worden door zo’n verbod immers beperkt. Komt deze schade voor vergoeding in aanmerking?

    Nadeelcompensatie

    Door een waterschap kunnen bij verordening regels worden gesteld in het belang van de bescherming van de dijken. Deze regels kunnen een beperking van de bouw- en/of gebruiksmogelijkheden van de betrokken gronden inhouden (lees hierover ook het blog van Renske van Dreumel “Inperking bouwmogelijkheden door nieuwe leggers waterschap”). Als je schade lijdt als gevolg van een nieuwe keur kun je op grond van de Waterwet een verzoek om tegemoetkoming in de schade indienen bij het waterschap. Een dergelijk verzoek moet meestal worden ingediend bij het college van dijkgraaf en heemraden van het waterschap. De Waterwet geeft overigens voor dergelijke schade geen basis voor een volledige schadevergoeding.

    Beoordeling verzoek

    Aan de hand van het verzoek om vergoeding van de schade beoordelen de dijkgraaf en heemraden of sprake is van schade die dient te worden vergoed. Bij deze beoordeling dient het college verschillende aspecten te betrekken. Vast moet komen staan dat door (bijvoorbeeld) de keur een nadeliger situatie is ontstaan met schade tot gevolg. Onlangs kwam in een zaak bij de rechtbank Rotterdam de vraag aan de orde of de schade vanwege een beweidingsverbod voor vergoeding in aanmerking komt. In deze zaak was evident dat de landbouwer schade had geleden als gevolg van het beweidingsverbod. Het college stelde echter dat deze schade niet voor vergoeding in aanmerking kwam, omdat de schade ‘voorzienbaar’ was. De rechtbank was het daar mee eens.

    Schade voorzienbaar?

    De grondeigenaar gebruikte de verschillende dijkpercelen voor de beweiding met runderen. Het waterschap had een beleidsregel vastgesteld op grond waarvan alleen beweiding met schapen was toegestaan. Het college was de mening toegedaan, dat de landbouwer inderdaad schade leed, maar dat deze schade voorzienbaar was. Op grond van eerdere regelgeving was het namelijk ook al niet toegestaan om dijkpercelen te beweiden met runderen. De rechtbank Rotterdam gaat in dit verweer mee. Omdat de landbouwer de bewuste percelen kocht op het moment dat er al een beweidingsverbod gold, was de schade volgens de rechtbank voorzienbaar. Ten tijde van de aankoop van de percelen had de landbouwer namelijk rekening kunnen houden met het beweidingsverbod. De rechtbank had ook voor een iets andere aanpak kunnen kiezen. De rechtbank had namelijk ook kunnen oordelen dat van schade geen sprake is, omdat er bij aankoop van de gronden al een beweidingsverbod gold. Hoe dan ook de schade wordt niet vergoed.

    Kortom:

    Een beweidingsverbod afgekondigd door een waterschap kan schade teweeg brengen. Dergelijke schade kan voor vergoeding in aanmerking komen. Dat is niet het geval als de schade voorzienbaar is. Houdt daar rekening mee bij aankoop van gronden die zo’n beperking kennen, maar ook bij de indiening van een verzoek tot tegemoetkoming in de schade. Het is zinloos om een onhaalbaar verzoek in te dienen.