blog

    Eén-op-één-inpassing Nbw-vergunning in bestemmingsplan

    Eén-op-één-inpassing Nbw-vergunning in bestemmingsplan

    Voor een bestemmingsplan dat mogelijk significant negatieve effecten op Natura 2000-gebieden kan hebben, moet een passende beoordeling op grond van de Nbw 1998 worden gemaakt. Dit is slechts anders, indien het bestemmingsplan een één-op-één-inpassing is van een project waarvoor eerder een Nbw-vergunning is verleend. In het kader van de vergunningverlening is dan namelijk al een passende beoordeling uitgevoerd.

    De uitzondering op de verplichting om een passende beoordeling voor een bestemmgsplan te maken, geldt echter alleen in het geval dat het bestemmingsplan een één-op-één-inpassing is van een project waarvoor eerder een Nbw-vergunning is verleend. Het bestemmgsplan mag dus niet meer mogelijk maken dan het project dat met de Nbw-vergunning is vergund. Hierom dienen in de planregels van het bestemmingsplan de maximale dieraantallen en diersoorten uit de Nbw-vergunning vastgelegd te worden. Geborgd dient te zijn dat enkel deze maximale dieraantallen en diersoorten op grond van het bestemmingsplan gehouden mogen worden. Een enkele verwijzing in de planregels naar de ‘vergunde’ depositie zonder hierbij de datum en het kenmerk van de verleende Nbw-vergunning te noemen, is hiervoor onvoldoende, zo oordeelde de Raad van State in een uitspraak van 18 mei 2016. Een flexibele verwijzing, inhoudende dat de planologisch toegestane depositie wordt verhoogd, indien een nieuwe Nbw-vergunning wordt afgegeven, is evenmin toegestaan. Op deze wijzen is namelijk niet verzekerd dat het bestemmingsplan geen significant negatieve effecten op Natura 2000-gebieden kan hebben en moet ook voor het bestemmingsplan een passende beoordeling worden uitgevoerd.

    Indien voor een bestemmingsplan een passende beoordeling dient te worden gemaakt, dan moet voor dit bestemmingsplan tevens een plan-m.e.r. worden opgesteld. Het ten onrechte niet opstellen van een plan-m.e.r. leidt tot de vernietiging van het bestemmingsplan, indien dit in een beroepsprocedure aan de orde komt.