blog

    Kap populierenbos: terugvordering ruim €150.000,00 subsidie

    Paul HerderPublicatiedatum: 15 januari 2016Laatste update: 14 augustus 2019
    Kap populierenbos: terugvordering ruim €150.000,00 subsidie

    Halverwege de jaren 90 was het mogelijk om subsidie aan te vragen voor bosuitbreiding op landbouwgronden. Op grond van de subsidieregeling kwam een grondeigenaar in aanmerking voor subsidie als bos werd aangeplant en voor 15 of 20 jaar in stand werd gehouden. Hoe zit het met de subsidietoekenning als het bos voortijdig wordt gekapt? Een voorbeeld uit de praktijk maakt dit duidelijk.

    Stimuleringsregeling bosuitbreiding op landbouwgronden

    De Stimuleringsregeling bosuitbreiding op landbouwgronden (hierna: ‘de Stimuleringsregeling’) is opgesteld ter uitvoering van een Verordening van (destijds) de Europese Economische Gemeenschap. De betreffende Verordening had tot doel alternatief gebruik van landbouwgrond door bebossing en de ontwikkeling van de bosbouw in de landbouw te bevorderen. Zo werd niet alleen het tekort aan bosbouwproducten verkleind maar ook de landbouwproductie beheerst. Om dit doel te bereiken is een premiestelsel ingevoerd om inkomensverlies in de periode waarin de beboste percelen niet productief zijn, te compenseren. De Stimuleringsregeling voorzag bovendien in een bebossingsbijdrage voor de éénmalige aanplant. Kortom: een eenmalige bijdrage een een jaarlijkse inkomenscompensatie.

    Vroegtijdige kap

    Als tijdens de subsidieperiode niet langer wordt voldaan aan de subsidievoorwaarden, kan de verleende subsidie worden teruggevorderd. In dit licht is de uitspraak van het College van Beroep voor het bedrijfsleven van 16 november 2015 interessant. In deze zaak had een grondeigenaar subsidie aangevraagd voor het beplanten en gedurende 20 jaar in stand houden van bos op landbouwgrond (totaal 25,3 ha). Na 18 jaar subsidie te hebben ontvangen kapt de grondeigenaar het populierenbos. De staatssecretaris van economische zaken stelt vast dat het bos is gekapt en dat niet meer aan de voorwaarden van de Stimuleringsregeling wordt voldaan. De staatssecretaris vordert ten eerste de gehele bebossingsbijdrage terug, vermeerderd met de wettelijke rente. Daarnaast wordt 25% van de totale inkomenscompensatie teruggevorderd, eveneens inclusief wettelijke rente.

    De uitspraak

    De grondeigenaar voert bij het College van Beroep voor het bedrijfsleven aan dat hij nog steeds voldoet aan de subsidievoorwaarden. Volgens de grondeigenaar is hij niet verplicht om het bos gedurende een ononderbroken periode van twintig jaar in stand te houden. Aangezien bij de bepalingen van de Stimuleringsregeling aansluiting is gezocht bij de Boswet, kan de instandhoudingsverplichting niet verder reiken dan die op grond van de Boswet, aldus de grondeigenaar. Na een kapmelding is op grond van de Boswet bomenkap toegestaan als binnen drie jaar herplant plaatsvindt. In geval van tijdige herplant zou volgens de grondeigenaar geen sprake kunnen zijn van schending van de subsidievoorwaarden. Het College van Beroep voor het bedrijfsleven verwerpt dit verweer. Het College van Beroep voor het bedrijfsleven overweegt dat onder “instandhouden” in het normale spraakgebruik wordt verstaan “het doen blijven bestaan”. Bovendien is de terugvordering niet gebaseerd op de Boswet, maar op de Stimuleringsregeling. De beroepsgrond van de grondeigenaar slaagt dan ook niet. Verder voerde de grondeigenaar aan dat in de betreffende Verordening geen instandhoudingsverplichting was opgenomen en deed hij een beroep op overmacht omdat heraanplant onmogelijk zou zijn. Ook deze beroepsgronden werden verworpen.

    De hoogte van de terugvordering

    Tot slot voerde de grondeigenaar aan dat de terugvordering minder had moeten zijn dan 25% van de toegekende inkomenscompensatie. Dit waarschijnlijk met de achterliggende gedachte dat 18 van de 20 jaar van de instandhoudingsperiode waren verstreken. Ook deze beroepsgrond slaagt niet. De staatssecretaris had immers het terug te betalen bedrag gebaseerd op het percentage dat is opgenomen in artikel 16 van de Stimuleringsregeling. In dit artikel staat dat als 11 tot en met 20 jaren inkomenscompensatie is verkregen, 25% van het in totaal toegekende bedrag wordt teruggevorderd. Ondanks het feit dat dit wetsartikel niet meer geldt (vanaf 1 januari 1998 is deze bepaling vervangen) ziet het College van Beroep voor bedrijfsleven geen aanleiding om geen toepassing aan de wettelijke regeling te geven. Het terugvorderingsbesluit blijft dus in stand. In het totaal moet de grondeigenaar ruim € 150.000,00. Een fors bedrag voor de kap van circa 25 hectare populieren. Als de grondeigenaar twee jaar had gewacht, was de kap een stuk lucratiever geweest.