blog

    Modelovereenkomst - concept Subsidieregeling sanering varkenshouderijen (Srv)

    Modelovereenkomst - concept Subsidieregeling sanering varkenshouderijen (Srv)

    De vorige blog in het kader van de conceptregeling Sanering varkenshouderijen (Srv) ging over de geurscore die relevant is voor deelname. Om deel te kunnen nemen aan de Srv zijn daarnaast nog een aantal andere punten van belang. Er dient namelijk ook een overeenkomst te worden gesloten met de Staat. De modelovereenkomst is terug te vinden als bijlage 2 van de conceptregeling.

    In deze blog lees je meer over deze overeenkomst.

    Modelovereenkomst

    Een varkenshouder moet de overeenkomst binnen acht weken na subsidieverlening sluiten met de Staat. Hiermee tracht LNV te bewerkstelligen dat het effect van de subsidieverlening, verbetering van het leefklimaat, duurzaam is. Als de varkenshouder de overeenkomst met de Staat heeft gesloten, wordt er van uit gegaan dat hij ook daadwerkelijk overgaat tot het saneren van de betreffende locatie. Met het ondertekenen van de overeenkomst verbindt de varkenshouder zich tot een aantal zaken.

    1. Geen varkens (meer) houden op de te sluiten locatie

    Allereerst mag de varkenshouder geen varkens op de huidige varkenshouderijlocatie meer houden. Bovendien mag die locatie ook niet gebruikt worden voor andere diersoorten die bij intensieve veehouderij kunnen worden gehouden (pluimvee, konijnen, vleeskalveren, vleesstieren, geiten of nertsen). Een melkveehouderij is wel toegestaan. Uit de toelichting bij de Srv kan opgemaakt worden dat deze verplichting ziet op de ondertekenaar van de overeenkomst, zowel de varkenshouder als persoon, als ook tezamen met anderen in de vorm van een rechtspersoon of samenwerkingsverband.

    2. Geen varkens houden op een nieuwe locatie

    Ten tweede verbindt de varkenshouder zich om geen varkens te gaan houden op een andere locatie dan waar hij ten tijde van de aanvraag van subsidie reeds een varkenshouderijlocatie heeft. Hiermee tracht LNV te voorkomen dat de varkenshouder elders een bestaande varkenshouderij overneemt of een nieuwe inricht. Deze voorwaarde vloeit voort uit het Europese staatssteunkader. In dat kader wordt het niet passend geacht staatsteun te verlenen voor het sluiten van een varkenshouderij, als de effecten daarvan teniet kunnen worden gedaan door het openen van een varkenshouderij elders.

    3. Kettingbeding

    Ten derde moet de varkenshouder er voor zorgen dat de koper van de te sluiten varkenshouderijlocatie daar geen varkens gaat houden of andere dieren die bij intensieve veehouderij gehouden kunnen worden. Wederom is een melkveehouderij wel toegestaan. De varkenshouder kan deze verplichting nakomen door een zogenaamd kettingbeding op te nemen in de koopovereenkomst met een mogelijk nieuwe eigenaar van de te sluiten locatie. Het kettingbeding houdt in dat de locatie niet gebruikt zal worden voor het houden van varkens, pluimvee, konijnen, vleeskalveren, vleesstieren, geiten of nertsen en dat elke volgende verkrijger aan eenzelfde verplichting wordt verbonden.

    Duur verplichtingen

    Vooral de verplichting geen varkenshouderij op een andere locatie op te richten is een doorn in het oog van varkenshouders met meerdere locaties. Zij mogen die andere locaties wel uitbreiden, maar geen nieuwe locaties aankopen/ontwikkelen. Ambitieuze varkenshouders worden door deze verplichting ernstig belemmerd in de bedrijfsvoering. LNV gaat nog onderzoeken of aan deze verplichting een einddatum kan worden gehangen, zodat een varkenshouder niet tot in lengte der dagen wordt achtervolgd door deze beperking. In de volgende blog wordt nader ingegaan op de voorwaarden voor deelname aan de Srv.

    Vragen? Neem dan contact met mij op.

    Blogreeks ‘Concept Subsidieregeling sanering varkenshouderijen’

    Dit is het derde deel van deze reeks. De volgende onderwerpen zullen in de blogreeks aan bod komen:

    page

    Inschrijving blog interesses

    Houd me op de hoogte
    Gepubliceerd op 25 februari 2019