De Hoge Raad: berekening van schade door een leeggehaalde vennootschap

De Hoge Raad: berekening van schade door een leeggehaalde vennootschap

Thema's: Schade en aansprakelijkheid, Herstructurering, Goed bestuur en governance, Rechtspersonen

16 juni 2017

U heeft geld te vorderen van een gefailleerde vennootschap en vermoedt dat de boel voortijdig door de eigenaren is leeggehaald: activa zijn overgeheveld naar een andere partij zonder dat daarvoor een reële koopprijs aan de vennootschap is betaald. De vennootschap is met de schulden achtergebleven en gefailleerd. Kunt u als gedupeerde schuldeiser uw vordering elders verhalen, nu uit het faillissement geen uitkering valt te verwachten? 

Leeghalen is onrechtmatig

Het verkopen van activa (zoals machines, een orderportefeuille, IE-rechten, vorderingen op debiteuren) van de ene vennootschap aan de andere, zonder ontvangst van een marktconforme koopprijs, kan tot gevolg hebben dat u als schuldeiser niet meer wordt betaald. Die verkoop is onrechtmatig tegenover u als daarbij de schulden in de vennootschap achterblijven en de vennootschap geen inkomsten meer heeft om deze uit te voldoen. Vermogensbestanddelen van de vennootschap zijn immers buiten het bereik van de schuldeisers gebracht.

Causaal verband met het leeghalen?

Om uw schade op de koper en/of bestuurder te kunnen verhalen, moet sprake zijn van een causaal verband met het onrechtmatig handelen, het leeghalen van de vennootschap. U moet aantonen dat uw vordering zou zijn betaald, indien de vennootschap niet leeggehaald zou zijn.

Of is ‘geen winst’ de oorzaak?

In de praktijk loopt de zaak hier vaak spaak: de koper/bestuurder stelt dat uw vordering ook zonder de overheveling van de activa niet betaald had kunnen worden. Het ging al tijden niet goed met de onderneming, kosten liepen op, orders vielen tegen; er werd geen winst meer gemaakt. Kortom: de schade is niet het gevolg van het leeghalen van de vennootschap maar van de slechte bedrijfsresultaten van de laatste jaren.  

Schadeberekening volgens Hoge Raad

De Hoge Raad heeft in een recent arrest echter bepaald dat uw schadeclaim niet enkel kan worden afgewezen op grond van het verweer dat de vennootschap toch al geen winst maakte en uw vordering dus sowieso niet kon voldoen. De rechter moet een vergelijking maken tussen uw huidige situatie na de onrechtmatige overdracht van de activa, en de hypothetische situatie dat die overdracht achterwege was gebleven. Daarvoor is niet alleen van belang dat de vennootschap geen winst meer maakte, maar ook in hoeverre u verhaal had kunnen nemen op de activa, of op de koopprijs indien die wel zou zijn betaald aan de vennootschap.

Conclusie

Het arrest van de Hoge Raad verruimt dus de kansen voor een benadeelde schuldeiser van een leeggehaalde vennootschap om schade te verhalen. Het blijft echter een lastige klus om in dit soort situaties het benodigde bewijs rond te krijgen.

Wilt u meer advies over dit onderwerp, dan kunt u contact opnemen met Eefke Mulder.