blog

    Kinderalimentatie 2015: De rechterlijke macht verdeeld

    Anouk van Dijk
    Anouk van DijkPublicatiedatum: 11 juni 2015

    Op 1 januari 2015 is de Wet hervorming kindregelingen in werking getreden. Hierin is het fiscaal voordeel voor de ouder die kinderalimentatie betaalt, afgeschaft. Ook zijn er wijzigingen in het kindgebondenbudget. Voor alleenstaande ouders is dit aangevuld met de zogenoemde alleenstaande ouderkop. De nieuwe regelingen hebben gevolgen voor de kinderalimentatie en leiden tot een hevige discussie en verdeeldheid onder rechters. Dit kan toch niet de bedoeling zijn?

    De Wet hervorming kindregelingen had als doel een vereenvoudiging van het stelsel van kindregelingen en het stimuleren van alleenstaande ouders om meer te gaan werken. In deze wet wordt het fiscaal voordeel van de kinderalimentatie afgeschaft. Dit verlaagt de draagkracht van de alimentatieplichtige ouder. Het kindgebondenbudget (hierna: kgb) van alleenstaande ouders wordt door de nieuwe wet verhoogd met de zogenoemde alleenstaande ouderkop (hierna: aok), een inkomensafhankelijke tegemoetkoming in de kosten van de kinderen. Deze wijziging heeft een grote invloed op de kinderalimentatie, wat leidt tot veel discussie in de literatuur en rechtspraak.

    Berekening van de kinderalimentatie

    Voor de berekening van kinderalimentatie geldt in het algemeen de richtlijn van de landelijke Expertgroep Alimentatienormen. Hierin staat onder andere hoe om te gaan met het kgb bij de berekening van kinderalimentatie. Allereerst wordt vastgesteld hoe hoog de kosten van de kinderen zijn. Op dit bedrag wordt vervolgens het kgb dat de verzorgende ouder ontvangt in mindering gebracht. Aldus resteert het eigen aandeel van de ouders in de kosten van de kinderen – dat vervolgens (afhankelijk van de draagkracht van beide ouders) tussen hen verdeeld wordt.

    Omdat het kgb door de nieuwe wet hoger wordt (vanwege de aok), wordt het eigen aandeel van de ouders in de kosten van de kinderen lager. In sommige gevallen dekken het kgb en de aok alle kosten van de kinderen. De ouders hoeven dan zelf geen bijdrage meer te leveren. De alimentatie wordt op nihil gesteld, zelfs als er voldoende draagkracht is.

    Is deze uitwerking van de wet acceptabel? De wetgever vindt van wel en de Expertgroep Alimentatienormen is daarin meegegaan bij het opstellen van de richtlijn. De rechtspraak is echter verdeeld en niet altijd bereid om de richtlijn te volgen.

    Discussie in de rechtspraak

    De Rechtbank Den Haag was de eerste rechtbank die in afwijking van de richtlijn oordeelde dat de aok niet in mindering moet komen op de kosten van de kinderen. Verschillende rechtbanken volgden het standpunt van de Rechtbank Den Haag, andere rechtbanken hielden de richtlijn aan. Ook andere varianten ontstonden, zoals dat de aok als inkomen van de alimentatiegerechtigde ouder moet worden aangemerkt (en dus zijn/haar draagkracht verhoogt). Rechtsongelijkheid en onzekerheid waren het gevolg en dat is ongewenst.

    Advies Expertgroep Alimentatienormen

    Dit heeft ertoe geleid dat de Expertgroep Alimentatienormen opnieuw heeft vergaderd. De Expertgroep handhaaft haar standpunt dat het kgb én de aok in mindering moeten komen op de kosten van de kinderen. Wel benadrukt de Expertgoep dat de rechter in bijzondere gevallen kan afwijken van de richtlijn en dat zij wil dat de Hoge Raad zich over deze discussie uitlaat.

    Hoe nu verder?

    Na het aangevulde advies van de Expertgroep heeft de Rechtbank Den Haag de eigen lijn losgelaten en volgt zij de aanbevelingen van de Expertgroep, “tenzij dat in een concreet geval tot een onaanvaardbaar resultaat zal leiden”. In haar beschikking van 12 mei jl. overwoog de rechtbank dat zij het (gelet op de bevestiging van de Expertgroep en in het belang van de rechtseenheid) niet aangewezen acht om thans in zijn algemeenheid nog langer af te wijken van de aanbeveling.

    Standpunt Hoge Raad

    Om zo spoedig mogelijk te weten hoe de Hoge Raad over deze kwestie denkt, zijn door het Hof Den Haag prejudiciële vragen aan de Hoge Raad gesteld over de wijze van behandeling van het kgb en de aok. De Hoge Raad moet oordelen over de vraag of het kgb en de aok in mindering moeten worden gebracht op de kosten van het kind of dat zij bijvoorbeeld bij het inkomen van de alimentatiegerechtigde ouder opgeteld moeten worden. Het antwoord van de Hoge Raad kan nog wel even op zich laten wachten.

    Conclusie

    De Wet hervorming kindregelingen heeft effect op de draagkracht van de alimentatieplichtige ouder en het eigen aandeel van de ouders in de kosten van de kinderen en kan leiden tot een lagere alimentatie in 2015 ten opzichte van 2014. Voor alimentatieplichtige ouders is het dan ook de moeite waard om een herberekening van de alimentatie laten te maken.

    De wijzigingen van het kgb leiden hierbij tot veel onduidelijkheid. De jurisprudentie is nog volop in ontwikkeling. Ik verwacht dat dit zal voortduren zolang de Hoge Raad de prejudiciële vragen nog niet heeft beantwoord. In verband met de rechtszekerheid vind ik dat alle rechtbanken de aanbeveling van de Expertgroep tot die tijd moeten volgen. Of de rechtbanken dat ook doen, is echter niet zeker.