blog

    Persoonsgegevens noemen in een faillissementsverslag, mag dat?

    Anne-Marie Weersink
    Anne-Marie WeersinkPublicatiedatum: 25 oktober 2016
    Persoonsgegevens noemen in een faillissementsverslag, mag dat?

    Uitspraak faillissement

    Zodra de rechtbank een faillissement heeft uitgesproken is de curator volgens de wet verplicht om periodiek een openbaar faillissementsverslag te maken en deze in te dienen bij de rechtbank. Belanghebbenden kunnen dan, indien zij daarin geïnteresseerd zijn, een exemplaar opvragen om te weten hoe de curator het faillissement afwikkelt. 

    Inhoud faillissementsverslagen

    De faillissementsverslagen worden volgens een standaard format ingericht. Van de curator wordt verwacht dat hij of zij zo transparant mogelijk de feiten en  omstandigheden in het verslag opneemt. Daarnaast dient de curator het juridisch kader in het verslag te verwerken.

    Publicatie faillissementsverslagen

    Deze verslagen worden niet alleen bij de rechtbank gedeponeerd, maar ook geplaatst op www.rechtspraak.nl. veel curatoren plaatsen de verslagen ook op de website van hun kantoor In het algemeen worden de faillissementsverslagen waarbij natuurlijke personen failliet zijn verklaard niet gepubliceerd op kantoorwebsites omwille van privacy-redenen. De faillissementsverslagen van rechtspersonen worden wel op internet geplaatst.  Maar ook in deze faillissementsverslagen worden persoonsgegevens opgenomen, zoals gegevens van bestuurders of andere personen die betrokken zijn geweest bij de failliete onderneming.

    Uitspraak Raad van State

    Op 19 oktober 2016 heeft de Raad van State uitspraak gedaan over de vraag of de Autoriteit Persoonsgegevens handhavend had moeten optreden tegen een curator die in een op zijn website gepubliceerd faillissementsverslag de naam van een rechtskundig adviseur had opgenomen.  Uit deze uitspraak valt af te leiden dat een curator die persoonsgegevens in een faillissementsverslag heeft staan waarborgen dient te treffen om ervoor te zorgen dat de persoonsgegevens niet op een eenvoudige wijze gevonden kunnen worden. 

    De Raad van State verwijst daarbij naar een brief van 9 februari 2005 waarin het College Bescherming Persoonsgegevens (Autoriteit Persoonsgegevens) had aangegeven dat onbeperkte toegang tot faillissementsverslagen een ruimer gebruik van persoonsgegevens mogelijk maakt dan nodig is voor het doel van de publicaties. Dat is in strijd met het noodzakelijkheidscriterium uit de Wet bescherming persoonsgegevens (Wbp), namelijk dat niet meer persoonsgegevens mogen worden verwerkt en deze ook niet ruimer mogen worden verwerkt dan noodzakelijk is om het doel van verwerking te bereiken. Een waarborg zou kunnen zijn dat uitsluitend via specifieke zoektermen, zoals de bedrijfsnaam van gefailleerde, de vestigingsplaats, het insolventienummer of naam van de curator het verslag is te vinden. 

    Een andere optie is het anonimiseren van het faillissementsverslag dat op de eigen kantoorwebsite wordt geplaatst, door de persoonsgegevens weg te strepen of te vervangen door andere woorden, zoals [bestuurder] of [deskundige]. 

    De uitspraak van de Raad van State geeft overigens ook een mooie inkijk in de handhavingskeuken van de Autoriteit Persoonsgegevens. Zie daarvoor dit blogartikel. Wil je meer weten of en hoe je een faillissementsverslag of andere persoonsgegevens op de website mag plaatsen? Neem dan contact op met Anne-Marie Weersink of Monique Hennekens