blog

    Tuchtmaatregel grote stap naar aansprakelijkheid accountant

    Christiaan Donners
    Christiaan DonnersPublicatiedatum: 24 september 2017
    Tuchtmaatregel grote stap naar aansprakelijkheid accountant

    Op 22 september jl. heeft de Hoge Raad nogmaals duidelijk gemaakt dat het oordeel van de Accountantskamer van belang is in een civiele aansprakelijkheidsprocedure tegen een accountant. Als de rechter afwijkt van het oordeel van de Accountantskamer moet de rechter dit zodanig motiveren dat dit voldoende begrijpelijk is.

    Onvoldoende kritische accountant

    In deze zaak heeft de bestuurder en meerderheidsaandeelhouder van een later gefailleerd bedrijf de voormalige accountant van het bedrijf en het accountantskantoor waarvoor hij werkzaam was, aansprakelijk gesteld voor de door hem geleden schade. Daarnaast heeft hij een tuchtklacht tegen de accountant ingediend. De Accountantskamer heeft de accountant een waarschuwing opgelegd omdat hij onvoldoende kritisch zou zijn geweest ten opzichte van een adviseur die het bedrijf had geadviseerd in het kader van een overnametraject. Deze adviseur bleek, achteraf, een oplichter te zijn en mede door het handelen van deze adviseur heeft de bestuurder schade geleden.

    Aansprakelijkheid accountant

    Een accountant kan met succes aansprakelijk worden gesteld indien hij niet de zorgvuldigheid heeft betracht die van een redelijk handelend en bekwaam accountant in soortgelijke omstandigheden mag worden verwacht. Uit eerdere arresten van de Hoge Raad, uit 2002 en 2015, volgt al dat het oordeel van de tuchtrechter dat is gehandeld in strijd met de voor het desbetreffende beroep geldende normen en regels, niet zonder meer het gevolg kan worden verbonden dat de betrokkene ook in civiele zin aansprakelijk is. Als de rechter echter afwijkt van het oordeel van de tuchtrechter, dan dient de rechter volgens de Hoge Raad dit oordeel zodanig te motiveren dat dit afwijkende oordeel, in het licht van de beoordeling door de tuchtrechter, voldoende begrijpelijk is.

    Oordeel Accountantskamer is van belang

    Het gerechtshof was meegegaan in het oordeel van de Accountantskamer, dat de accountant onvoldoende kritisch was geweest, maar had toch geconcludeerd dat de geleden schade niet aan de accountant kan worden toegerekend. Het gerechtshof heeft vervolgens de vordering tegen de accountant afgewezen. De Hoge Raad overweegt dat het gerechtshof dit oordeel onvoldoende heeft gemotiveerd en vernietigt het arrest van het gerechtshof. Zo had het gerechtshof volgens de Hoge Raad moeten onderzoeken of van de accountant in dit concrete geval had mogen verwacht dat hij zijn klant voor het mogelijk onrechtmatig handelen van de adviseur had moeten waarschuwen. De accountant was namelijk op de hoogte van het dubieuze zakelijke verleden van de adviseur.

    Een gegronde klacht bij de Accountantskamer is dus geen garantie voor succes in een civiele aansprakelijkheidsprocedure maar is wél een grote stap in die richting. Slechts indien de civiele rechter dit goed kan motiveren, mag hij afwijken van het oordeel van de Accountantskamer.