blog

    Van ‘alles’ delen naar ‘beperkt’ delen

    Van ‘alles’ delen naar ‘beperkt’ delen

    Nu: algehele gemeenschap van goederen

    In een artikel in TROUW begin vorig jaar lees ik dat driekwart van de huwelijken in Nederland wordt gesloten zonder huwelijkse voorwaarden. Aanstaande echtgenoten gaan in ondertrouw (dat kan tegenwoordig online), regelen wellicht een feestje en zeggen ‘ja’ voor de ambtenaar van de burgerlijke stand. Er komt geen notaris aan te pas.
    In Nederland (net als in Suriname en in Zuid-Afrika, maar dus anders dan in de rest van de wereld) zorgt trouwen zonder huwelijkse voorwaarden ervoor dat (kort gezegd) alles ‘van samen’ wordt, zowel de schulden als de baten. In Nederland geldt de ‘algehele gemeenschap van goederen’ bij huwelijken waar vóóraf geen huwelijkse voorwaarden zijn gemaakt.

    “Gratis” trouwen

    Maart dit jaar lees ik in De Gelderlander dat ‘gratis’ trouwen ‘ongekend populair’ is.
    Dat geeft te denken: willen trouwlustige koppels zonder veel poespas gewoon álles met elkaar delen waaronder ook hun studieschulden of trouwen koppels tegenwoordig zó snel dat ze niet meer stilstaan bij de gevolgen daarvan en is ‘gratis’ trouwen eigenlijk qua gevolgen heel duur? Bijna 40% van de huwelijken eindigen door echtscheiding.
    Weten koppels goed wat ze doen als ze trouwen of moeten ze worden beschermd?

    Straks: beperkte gemeenschap van goederen

    De overheid meent dit laatste. Vorige week heeft de Eerste Kamer een wetsvoorstel aangenomen die tot gevolg heeft dat bij huwelijken die ná de invoeringsdatum van de wet worden gesloten (naar verwachting 1 januari 2018) en waarbij géén huwelijkse voorwaarden worden gemaakt via de notaris, géén sprake meer is van een algehele gemeenschap van goederen maar van een beperkte gemeenschap van goederen. Met dit nieuwe systeem sluit Nederland aan bij ‘de rest van de wereld’. 

    In het nieuwe wettelijke systeem delen echtgenoten nog steeds alles wat ze tijdens het huwelijk samen verdienen.
    Wat niet onder deze gemeenschap valt (en dus niet gedeeld wordt bij echtscheiding) is:

    – wat echtgenoten geërfd hebben;
    – wat ze geschonken hebben gekregen;
    – wat ze aan vermogen hadden op het moment van het ‘ja’-woord (zowel plus als min, ofwel baten en schulden);
    – al wat hiervoor in de plaats komt.

    Als koppels weten wat ze doen bij het ‘kiezen’ voor een algehele gemeenschap van goederen zoals nu uit de statistieken lijkt, dan krijgt het notariaat het na de wetswijziging nog druk!! Driekwart van de koppels zou dan huwelijkse voorwaarden opmaken om alsnog een algehele gemeenschap van goederen te kiezen in plaats van de beperkte. 

    Ik zet mijn geld op de aanname dat koppels in veel gevallen aansluiten bij de wet omdat ze er vooraf niet lang over hebben nagedacht, omdat het maken van huwelijkse voorwaarden geld kost en ‘omdat ze toch niet uit elkaar gaan’. Geen bewuste keuze dus.

    Huwelijkse voorwaarden en de notaris: nog steeds verstandig? 

    Wat is van wie: vastleggen
    Na invoering van de wet hebben echtgenoten in ‘nieuwe’ huwelijken eigenlijk drie portemonnees: privévermogen van de één, vermogen van samen en privévermogen van de ander. Het is dus verstandig om vóór het huwelijk vast te leggen wat van wie is: een zogenaamde ‘vermogensopstelling’. Deze kan aan huwelijkse voorwaarden worden gehecht en raakt nooit kwijt.

    Gezamenlijk voorhuwelijks vermogen

    Stel dat een koppel dat gaat trouwen al samen een huis heeft met bijbehorende hypotheek. Als naast de hypotheek het huis ook met privé spaargeld is gekocht of verbeterd of daarmee de hypotheek deels wordt afgelost, dan kan dat verschillende bijzondere en grote gevolgen hebben als dat niet wordt vastgelegd in huwelijkse voorwaarden.

    Ook als een huis van samen vóór het huwelijk ongelijk eigendom is, bijvoorbeeld 60%-40% moet je oppassen. Regel je niets in huwelijkse voorwaarden, dan verandert dat percentage door te trouwen plots in een 50%-50% eigendom.

    Beperken aansprakelijkheid

    Net zoals nu het geval is kan je onder de nieuwe regels met huwelijkse voorwaarden je aansprakelijkheid beperken voor schulden van de ander.

    Onderneming

    De onderneming die er vóór het huwelijk al was blijft privé onder de nieuwe regels en daarmee ook de waardestijging van die onderneming. Het is nog maar de vraag of dat ‘eerlijk’ is als ook de niet-ondernemer het mede-mogelijk maakt om te ondernemen, bijvoorbeeld als er kinderen zijn.

    Aan de andere kant: een onderneming die tijdens het huwelijk wordt opgestart is van beide echtgenoten, ieder de helft. Vraag is of dat dan wel zo eerlijk is. De ondernemer werkt misschien veel meer voor die onderneming dan de niet-ondernemer.

    Kortom: is of komt er een onderneming, dan is het verstandig is om huwelijkse voorwaarden op te maken. Er zal dan een regeling ‘op maat’ moeten worden gemaakt.

    Toch delen/ helemaal niet delen

    En misschien past dat wettelijk systeem wel niet bij de wensen van een koppel. Alles delen net zoals dat nu het geval is kan aan de ene kant de wens zijn (algehele gemeenschap van goederen) of juist niets delen, afgezien van de dagelijkse huishoudkosten (‘koude uitsluiting’).

    Belangrijk 

    Huwelijkse voorwaarden maak je het meest eenvoudig op vóór het trouwen. Dan kan alles nog geregeld worden. Als eenmaal het ja-woord is gegeven kunnen nog steeds wel voorwaarden worden gemaakt, maar dat is lastiger en vaak duurder. Voor alle duidelijkheid: het hele verhaal geldt óók voor het geregistreerde partnerschap!

    Conclusie

    In een tijd waarin veel mensen (studie)schulden hebben, meer zelfstandig zijn en het echtscheidingspercentage bijna 40% is, is het denk ik goed om af te stappen van de algehele gemeenschap van goederen zoals die nu bestaat. Of het systeem dat daarvoor in de plaats komt ideaal is zal moeten blijken. Ik denk dat er meer voordelen aan dat systeem vast zitten dan nadelen aan het bestaande systeem.