blog

    Winstuitkering? Pas op met uw pensioen in eigen beheer!

    Eefke Mulder
    Eefke MulderPublicatiedatum: 5 november 2012

    Heeft u een besloten vennootschap (B.V.) en bouwt u pensioen op in eigen beheer? Pas dan goed op voordat u besluit een winstuitkering te doen: na de uitkering moet er voldoende vermogen in de B.V. achterblijven om het pensioen op de korte en lange termijn volledig te kunnen betalen. De belastingdienst gaat daarbij uit van een doorgaans veel hogere waarde van de pensioenverplichting dan waarvoor deze op de balans van de B.V. staat. Dit kan onverwachte en hoge belastingaanslagen voor B.V. en pensioengerechtigde tot gevolg hebben.

    Flex B.V. en uitkeringen

    Met ingang van 1 oktober jl. zijn de wetsvoorstellen tot vereenvoudiging en flexibilisering van het B.V.-recht in werking getreden, de zogenaamde “Flex-B.V.”. Deze nieuwe regels hebben direct gevolgen voor álle besloten vennootschappen (B.V.’s), dus ook voor de “oude” reeds bestaande B.V.’s; onder meer ten aanzien van terugbetaling van aandelenkapitaal en winstuitkeringen (zie het artikel daarover in deze nieuwsbrief en onze nieuwsbrieven van september en juni jl.). De Belastingdienst heeft met het oog op de wetswijzigingen benadrukt dat het doen van uitkeringen uit de B.V. gevolgen kan hebben voor een door de B.V. uitgevoerde pensioenovereenkomst (of stamrechtovereenkomst).

    Waardering pensioenverplichting

    Het gevaar bij de winstuitkering zit in de waardering van de pensioenverplichting. Bij de toets of de B.V. na uitkering nog aan haar verplichtingen kan voldoen, moeten alle activa en passiva, inclusief de pensioenverplichting, gewaardeerd worden tegen de werkelijke waarde in het economisch verkeer. Voor de pensioenverplichting komt dat neer op minimaal de koopsom die betaald zou moeten worden aan een professionele verzekeringsmaatschappij om de pensioenverplichting daar onder te brengen. Dat is doorgaans een veel hoger bedrag dan de op de balans van de B.V. opgenomen pensioenvoorziening.

    Indien de B.V. na de winstuitkering niet meer het volledige pensioen kan uitkeren (op basis van de waarde in het economische verkeer), is sprake van (gedeeltelijke) afkoop van pensioen en zullen de daarbij behorende aanslagen voor de B.V. en de pensioengerechtigde volgen (loon-respectievelijk inkomstenbelasting), bij de laatste inclusief 20% revisierente (als een soort boete).

    Om vervelende verrassingen als deze te voorkomen, adviseren wij u om met uw accountant zorgvuldig de pensioenverplichting van de B.V. te waarderen (evenals de andere passiva en activa) en vervolgens te beoordelen of en welke winstuitkering mogelijk is op basis van het uitgangspunt dat de B.V. na de uitkering aan deze verplichtingen moet kunnen blijven voldoen.

    Bestuurdersaansprakelijkheid

    Het bovenstaande kan ook verdergaande consequenties hebben voor het bestuur van de B.V. Het nieuwe B.V.-recht bepaalt namelijk dat het bestuur aansprakelijk is voor het tekort van de B.V. dat door de uitkering is ontstaan, indien de vennootschap na een uitkering niet kan voortgaan met het betalen van haar schulden en de bestuurders dit ten tijde van de uitkering wisten of redelijkerwijs behoorden te voorzien.