blog

    Het eliminatiebeginsel, een nieuw hoofdstukje toegevoegd aan de sage. Uitgangspunt werkelijke waarde: bouwrijp of ruwe bouwgrond?

    Kees van HelvoirtPublicatiedatum: 3 april 2017Laatste update: 2 augustus 2019
    Het eliminatiebeginsel, een nieuw hoofdstukje toegevoegd aan de sage. Uitgangspunt werkelijke waarde: bouwrijp of ruwe bouwgrond?

    In het arrest van 31 maart jl. (ECLI:NL:HR:2017:544) heeft de Hoge Raad de vraag (bevestigend) beantwoord of de bouwrijpwerkzaamheden kwalificeren als een ‘overheidswerk’ (in de zin van de 15 januari-arresten). Het maakt daarbij niet uit dat deze werkzaamheden worden uitgevoerd door een andere partij dan de overheid. De invloed van de uitgevoerde bouwrijpwerkzaamheden op de werkelijke waarde dient te worden weggedacht, te worden geëlimineerd.

    Op 15 januari 2016 heeft de Hoge Raad in vijf arresten richtlijnen gegeven over de toepassing van het eliminatiebeginsel ex artikel 40c Ow. Deze richtlijnen heb ik samengevat gedeeld in mijn blog “‘Eliminatiebeginsel: terughoudend toepassen’ (link). Een van de richtlijnen is het oordeel van de Hoge Raad dat voor eliminatie alleen plaats is indien het werk waarvoor wordt onteigend tot stand wordt gebracht voor rekening en risico van rechtspersonen als bedoeld in artikel 2:1 lid 1 en 2 BW; de overheidswerken (zie r.o. 3.8.2 ECLI:NL:HR:2016:25).

    In het arrest van 31 maart jl. heeft de Hoge Raad geoordeeld dat bouwrijpwerkzaamheden kwalificeren als een ‘overheidswerk’, dat in verband staat met (het plan voor) het werk waarvoor wordt onteigend, als bedoeld in artikel 40c, aanhef en onder 2o en 3o, Ow. Indien de onteigenende overheid een complex van gronden onteigent en die vervolgens bouwrijp maakt, dat bij de bepaling van de schadeloosstelling geen rekening behoort te worden gehouden met de voordelen of nadelen die door dit werk zijn teweeggebracht. Ook niet indien de aan die gronden gegeven bestemming uiteindelijk wordt gerealiseerd door een andere partij dan de overheid. Kortom, bij de bepaling van de werkelijke waarde moet worden uitgegaan van de ruwe bouwgrondwaarde en mogen de uitgevoerde bouwrijpwerkzaamheden niet in de begroting van de werkelijke waarde worden betrokken.

    Voor meer informatie of vragen over dit onderwerp, kun je vrijblijvend contact opnemen. Lees ook eens de andere blogs van Marie-Anna Bullens.