Aandelen in een B.V. en belastinglatentie in huwelijkse voorwaarden, samenlevingscontract en testamenten

Belastinglatentie: de aanmerkelijk belangclaim
Bij een erfenis of echtscheiding zijn regelmatig aandelen in een B.V. betrokken die voor de inkomstenbelasting behoren tot box 2. Deze aandelen worden ook wel aanmerkelijk belangaandelen of AB-aandelen genoemd. Op deze AB-aandelen rust een fiscale claim (“de AB-claim”) die ook wel belastinglatentie wordt genoemd. Hoe deze belastinglatentie berekend moet worden, is al jaren onderwerp van discussie. Het is dus belangrijk om in een samenlevingscontract, huwelijkse voorwaarden of partnerschapsvoorwaarden en testamenten duidelijke afspraken te maken over belastinglatenties.
Twee stromingen: de nominale waarde en de contante waarde
Voor het bepalen van de hoogte van de AB-claim bestaan in de literatuur twee stromingen.
Een deel is aanhanger van de “nominale waarde” en een ander deel van de “contante waarde”.
Hieronder zal ik aan de hand van een casus ontleend aan rechtbank Midden-Nederland 16 januari 2026, ECLI:NL:RBMNE:2026:185) delen wat het verschil is.
Echtscheiding en discussie over belastinglatentie
Een man en een vrouw gaan scheiden. Tot de gemeenschap van goederen behoren AB-aandelen in een B.V. Partijen zijn het eens dat de aandelen worden toebedeeld aan de man. Over de waarde van de aandelen bestaat echter discussie. Bij de toedeling van de aandelen aan de man zou er met de belastingdienst afgerekend moeten worden, tenzij er wordt doorgeschoven op basis van de doorschuiffaciliteit van artikel 4.17 Wet IB 2001. Of er wel of niet doorgeschoven gaat worden, was nog niet duidelijk. De verwachte ingangsdatum van de AOW van de man is 9 jaar na de peildatum.
Andere uitgangspunten: de BV is opgericht met een aandelenkapitaal van 18.000 euro (verkrijgingsprijs). De BV heeft ten tijde van de peildatum een waarde van € 700.000,-.
De AB-heffing bedraagt ten tijde van de echtscheiding 26,9% (thans: 31%).
De rechtbank stelt vast dat er discussie bestaat over het waarderen van de AB-claim.
Dient de claim nominaal of contant gemaakt meegenomen te worden?
Een deskundige maakt sommetjes waar de twee verschillende methoden inzichtelijk worden.
Nominale waarde
Volgens de aanhanger van de “nominale waarde” is de hoogte van de AB-claim 26,9% van € 682.000,- (zijnde € 700.000,- minus € 18.000,-) ofwel € 183.458,-
Contante waarde
Bij de methode van de contante waarde sluit de deskundige aan bij de door het Hof ‘s-Hertogenbosch bepaalde berekeningssystematiek (ECLI:NL:GHSHE:2023:2395). Daarin wordt het aantal jaren tot de pensioenleeftijd contant gemaakt tegen een percentage van 4%. De verwachte ingangsdatum van de AOW van de man is 9 jaar na de peildatum. Volgens de berekeningsystematiek van het hof komt het contante AB-tarief dan uit op 18,9%.
De contante AB-claim is dan 18,9% van € 682.000,- (zijnde € 700.000,- minus € 18.000,-) ofwel € 128.898,-.
De rechtbank Midden-Nederland heeft gekozen voor de nominale waarde en de AB-claim vastgesteld op 26,9%.
Overlijden en discussie over belastinglatentie
De discussie over het bepalen van de latente belastingclaim die rust op AB-aandelen speelt ook bij overlijden, bijvoorbeeld in de uitspraak van de Hoge Raad van 22 april 2022, ECLI:NL:HR2022:583. In deze uitspraak speelde het volgende.
Een man en vrouw zijn getrouwd en hebben vijf kinderen. De man is eigenaar van een B.V. en komt op 3 december 2009 te overlijden. De aandelen in de B.V. worden toebedeeld aan de langstlevende echtgenote. De kinderen krijgen een vordering op de langstlevende echtgenote.
In geschil is in hoeverre bij de waardering van de aandelen rekening mag worden gehouden met de inkomstenbelasting die de langstlevende echtgenote op enig toekomstig moment verschuldigd kan worden.
Kantonrechter en Hof: nominale waarde
De Kantonrechter in Almere heeft bepaald dat bij de vaststelling van de erfdelen en vorderingen uit overbedeling voor de waardering van de aandelen uitgegaan dient te worden van een latente AB-claim van 25%. Het Hof Arnhem-Leeuwarden heeft in zijn arrest van 3 november 2020 de beschikking van de Kantonrechter bekrachtigd.
De Kantonrechter en het Hof zijn dus uitgegaan van de nominale waarde.
Hoge Raad: te weinig ingegaan op twee stromingen in literatuur
De kinderen hebben zich op het standpunt gesteld dat de langstlevende echtgenote door het doorschuiven van de AB-claim een rentevoordeel geniet. Dit rentevoordeel moet naar het oordeel van de kinderen bij de waardering van de hoogte van de AB-claim een rol spelen.
De Hoge Raad oordeelt dat het Hof deze kwestie tot de taak van de deskundige had moeten rekenen om hierover te berichten. Daarnaast heeft het Hof volgens de Hoge Raad miskend dat de deskundige te weinig is ingegaan op de twee stromingen in de literatuur aangaande waardering van de AB-claim. De Hoge Raad heeft de zaak terugverwezen naar het Hof Den Bosch, waarbij het door de erfgenamen ingebrachte vraagstuk van het rentevoordeel en wat dat mogelijk betekent voor de hoogte van de AB-claim alsnog moet worden beoordeeld.
Voorkom discussie over belastinglatentie bij echtscheiding en bij overlijden
Over de vraag hoe de belastinglatentie moet worden berekend, lopen de meningen in de literatuur en jurisprudentie sterk uiteen. Voer voor discussie dus. Het is dus verstandig om in samenlevingscontacten, huwelijkse voorwaarden, partnerschapsvoorwaarden en testamenten duidelijke afspraken te maken over belastinglatenties. In de praktijk blijkt dat deze afspraken vaak ontbreken. Spreken we over aandelen in een B.V.? Laat je dan adviseren over een regeling over de belastinglatentie van de AB-aandelen in jouw testament, samenlevingscontact of huwelijkse voorwaarden of partnerschapsvoorwaarden.
Stel je vragen aan onze specialisten
“Neem contact met mij op en ontvang antwoord op jouw vragen. Ik ben bereikbaar per mail of telefoon.”






