Een vergelijking tussen het Curaçaose en Nederlandse erfrecht

Het onterfde kind
Voor inwoners van Nederland kan het aantrekkelijk zijn om langere tijd te verblijven op Curaçao, al was het maar vanwege het klimaat. In onze praktijk zijn we geregeld betrokken bij de afwikkeling van Curaçaose nalatenschappen. Dat is niet zo verwonderlijk, aangezien het Curaçaose erfrecht in grote lijnen overeenkomt met het Nederlandse erfrecht. Een belangrijk verschil tussen het Curaçaose en het Nederlandse erfrecht is de positie van het onterfde kind. In deze bijdrage schetsen wij in het kort hoe de positie van het onterfde kind in Nederland verschilt met dat van het onterfde kind op Curaçao. Verder gaan we in op de vraag wanneer het Curaçaos erfrecht van toepassing kan zijn.
Legitieme portie op Curaçao? Vergeet het maar
Een onterfd kind kan in een Nederlandse nalatenschap een beroep doen op de legitieme portie, waarmee het kind een geldvordering verkrijgt op de nalatenschap. Het lijkt niet waarschijnlijk dat de legitieme portie op (korte) termijn wordt afgeschaft in Nederland. Uit een recent onderzoek van de Rijksuniversiteit Groningen in 2024 blijkt immers dat in Nederland nog veel draagvlak bestaat voor een erfrechtelijke aanspraak in geld voor onterfde kinderen. Wilt u meer weten over de legitieme portie? In de blog van Helmy Schellens leest u meer over onze ervaringen met de positie van onterfde kinderen en de legitieme portie.
Op Curaçao ziet de erfrechtelijke wereld er voor het onterfde kind heel anders uit. Daar bestaat de legitieme portie niet. Wat voor een onterfd kind mogelijk resteert, is een aanspraak op de som ineens. Dat is een aanspraak in geld die – kort gezegd – nodig is voor levensonderhoud en studie van het onterfde kind. Een onterfd kind dat 21 jaar of ouder is, heeft geen aanspraak op deze som ineens en heeft dus überhaupt geen geldelijke aanspraak op de nalatenschap.
Wanneer komt het Curaçaos recht om de hoek kijken?
Het maakt dus uit of op een nalatenschap Curaçaos of Nederlands erfrecht van toepassing is. Dat roept de vraag op wanneer het Curaçaose erfrecht aan de orde kan zijn. Daarvoor geldt in de eerste plaats dat sprake moet zijn van een internationale nalatenschap, omdat de Nederlandse rechter anders niet hoeft te toetsen aan de regels van het internationaal privaatrecht. Van een internationale nalatenschap is bijvoorbeeld sprake, als de overledene in de laatste fase van zijn leven in een ander land heeft gewoond en daar is overleden.
Als sprake is van een internationale nalatenschap, zal de Nederlandse rechter nagaan of hij bevoegd is, en zo ja, welk recht dan van toepassing is op de nalatenschap van de overledene. Voor het antwoord op die laatste vraag moet onderscheid worden gemaakt tussen het scenario dat iemand mét testament overlijdt, en het scenario dat iemand zonder testament overlijdt. Aangezien het in deze bijdrage over het onterfde kind gaat, gaan wij er voor nu van uit dat iemand overlijdt mét testament, omdat een kind alleen bij testament kan worden onterfd. Vanuit Nederland bezien kan het Curaçaose erfrecht onder andere van toepassing zijn als:
- de overledene zijn laatste gewone verblijfplaats had op Curaçao en geen rechtskeuze heeft gemaakt;
- de overledene in Nederland kennelijk een nauwere band had met Curaçao en geen rechtskeuze heeft gemaakt; of
- de overledene in zijn testament een rechtskeuze heeft gemaakt voor het Curaçaose recht.
Waar de laatste gewone verblijfplaats van overledene is of met welk land de overledene een nauwere band had, is een feitelijke kwestie. Dit verschilt per geval. Verder is het volgens de regels van het Nederlandse internationaal privaatrecht mogelijk om in het testament een rechtskeuze te maken, mits de testateur het recht van een land kiest waarvan hij de nationaliteit heeft. Voor mensen met de Nederlandse nationaliteit betekent dit dat zij in beginsel een geldige rechtskeuze kunnen maken voor – onder andere – het Curaçaose erfrecht. De Nederlandse nationaliteit is immers een aangelegenheid van het Koninkrijk en Curaçao is onderdeel van het Koninkrijk der Nederlanden.
Dan kies ik toch gewoon voor het Curaçaose erfrecht?
Als het Curaçaose erfrecht lijkt op het Nederlandse erfrecht, kunnen ouders die hun kind zonder enige aanspraak willen achterlaten dan niet beter kiezen voor het Curaçaose recht in hun testament? Die vlieger gaat niet altijd op. Het voor Nederland toepasselijke internationaal privaatrecht beperkt de rechtskeuzemogelijkheden voor de testateur, juist om te voorkomen dat de testateur zijn eigen dwingende erfrecht omzeilt met als doel dat het onterfde kind geen enkele (geldelijke) aanspraak kan maken op zijn nalatenschap. Voor Nederlandse inwoners in Nederland die geen enkele band met Curaçao hebben en toch in hun testament kiezen voor het Curaçaose erfrecht vanwege een voorgenomen onterving, hebben dus waarschijnlijk niet zoveel aan een rechtskeuze.
Curaçao of Nederland: het maakt verschil en is complex
Het Nederlandse en Curaçaose erfrecht verschillen behoorlijk waar het gaat over de positie van het onterfde kind. Het onterfde kind staat op Curaçao al gauw met lege handen, terwijl het onterfde kind zich volgens Nederlandse erfrecht kan beroepen op de legitieme portie en zodoende mogelijk een aanspraak in geld heeft. Voor de nabestaanden van de overledene die banden had met Curaçao en geen rechtskeuze heeft gemaakt in zijn testament, kan discussie ontstaan over welk recht van toepassing is op de nalatenschap. Ook als wél een rechtskeuze is gemaakt, is het niet zeker of die altijd geldig is. Dit zijn complexe situaties waarbij gespecialiseerde bijstand gewenst is
Heb je als particulier of professional (mogelijk) te maken met een Curaçaose nalatenschap en zoek je een sparringspartner of kom je er niet uit? Neem dan gerust contact met ons op. We helpen je graag.
Stel je vragen aan onze specialisten
“Neem contact met mij op en ontvang antwoord op jouw vragen. Ik ben bereikbaar per mail of telefoon.”





