publicatie

    ABRvS 19 juni 2019, Gst. 2019/149: Begrip niet in enig opzicht van slecht levensgedrag. Vrijspraak door strafrechter laat bevoegdheid burgemeester tot intrekking exploitatievergunning onverlet. (Rotterdam)

    Chantal van Mil
    Chantal van MilPublicatiedatum: 21 oktober 2019Laatste update: 7 november 2019
    ABRvS 19 juni 2019, Gst. 2019/149: Begrip niet in enig opzicht van slecht levensgedrag. Vrijspraak door strafrechter laat bevoegdheid burgemeester tot intrekking exploitatievergunning onverlet. (Rotterdam)

    Dat de strafrechter [appellant] ter zake van de in de bovenwoning aangetroffen verdovende middelen heeft vrijgesproken en ter zake van de in zijn woning aangetroffen verdovende middelen geen straf heeft opgelegd, laat de bevoegdheid van de burgemeester tot intrekking van de exploitatievergunning wegens het in enig opzicht van slecht levensgedrag zijn op zichzelf beschouwd onverlet.

    De intrekking van de exploitatievergunning betreft een herstelsanctie gericht op de bescherming van de openbare orde en de bestrijding van laakbaar gedrag van een exploitant. Beoordeeld moet worden of de door de burgemeester aangevoerde feiten en omstandigheden genoemd besluit kunnen rechtvaardigen.

    Download publicatie

    Medium: Gst. 2019/149